Het volledige design thinking leertraject

Uw team leert de werkwijze én werkt een oplossing voor een reëel vraagstuk uit.

Het leertraject is de zwaarste variant van leren werken met design thinking, naast de training per fase. Het begint altijd met een vrijblijvend voorgesprek van een uur, waarin we samen met u als opdrachtgever bepalen welke technieken aan bod komen, welke fasen u nodig heeft, en met hoeveel projectgroepen u aan de slag gaat.

Het volledige leertraject doet twee dingen tegelijk, en dat is precies waarom het langer duurt dan de training per fase. Uw team leert zelf met design thinking werken, en tegelijk werkt u een oplossing voor een reëel vraagstuk uit. Beide tegelijk, niet het een of het ander.

Dat betekent per fase een hele dag: ’s ochtends het theoriedagdeel, ’s middags het oefendagdeel. Die diepgang is nodig omdat uw mensen de techniek daarna zelf goed genoeg moeten beheersen om er verderop in het traject een eigen workshop over te geven, binnen hun eigen casus. Acht van de eenentwintig stappen zijn dan ook dagdelen met de trainer; de rest doet uw projectgroep zelf, met steeds een uur sparren erbij. Zo blijft het niet bij leren, maar begeleidt uw team de techniek daarna zelfstandig: dat is het verschil met een traject waarin Cirnex als externe consultant het werk voor u doet. Acht dagdelen in totaal, plus de start van twee uur.

Het verschil met losse dagdelen zit daarnaast in wat er tussen de bijeenkomsten gebeurt: dat is het begeleidingsdeel van het traject. Cirnex loopt in die weken mee met uw projectteam en let op hoe de gekozen techniek in de praktijk verloopt en of er ondersteuning nodig is om hem af te ronden. Het veldwerk wordt daadwerkelijk uitgevoerd, de opdrachtgever blijft betrokken en het team houdt de rode draad vast. Die tussentijdse begeleiding is bewust begrensd: zij bestaat uit de vier sparringssessies (één per fase, per projectgroep) plus schriftelijk commentaar op toegestuurde opzetten; meer begeleiding spreken we apart af.

Het traject van begin tot eind

  1. 1
    Ontdekfase · de probleemruit Dagdeel met de trainer

    Theorietraining: wat design thinking is, en de technieken van de ontdekkingsfase

    Het hele team maakt eerst kennis met de Double Diamond en de gereedschapskist: wat design thinking is, en hoe de fasen op elkaar volgen. De trainer laat zien welke manieren er zijn om erachter te komen wat er speelt, van een korte deskresearch tot meelopen in de praktijk. Vijf tot zeven technieken, met de vraag erbij wanneer u welke inzet. Het team kiest er één.

    Waar wij op letten: dat het team het verschil leert zien tussen wat het wéét en wat het aanneemt. Wie bij "waaruit blijkt dat?" blijft steken op "uit ervaring", heeft deze fase hard nodig.

  2. 2
    Dagdeel met de trainer

    Klassikaal oefenen met de technieken uit de ontdekkingsfase

    De gekozen techniek op uw eigen vraagstuk. U spreekt echte mensen of kijkt mee in de praktijk. Aan het eind ligt er een veldwerkplan: wat u nog ophaalt, en bij wie.

    Waar wij op letten: dat de vragen open blijven en niemand het antwoord alvast invult. Ook dat er concrete namen en data op het veldwerkplan komen, geen categorieën.

  3. 3
    De projectgroep zelf

    Cursisten bereiden zelf een workshop voor

    De projectgroep werkt de gekozen techniek uit tot een werkvorm die zij zelf kan begeleiden, toegespitst op de eigen opdracht. Stuurt u de opzet vooraf door, dan neemt de trainer hem door en komt er schriftelijk commentaar op terug.

    Waar wij op letten: niets, want dit doet uw projectgroep zelf. Wel nemen wij het toegestuurde materiaal door, zodat het sparringsmoment daarna helemaal aan uw vragen kan opgaan.

  4. 4
    Een uur met de trainer

    Sparringsmoment met de trainers

    Een uur met een van de trainers over die opzet. Elke projectgroep krijgt zo'n moment, dus vier keer in het traject.

    Waar wij op letten: drie dingen. Past de techniek bij de vraag die u wilt beantwoorden? Is de opzet uitvoerbaar in de tijd die u heeft? En wat gaat er waarschijnlijk knellen bij juist deze groep mensen?

  5. 5
    De projectgroep zelf

    Cursisten houden zelf de workshop binnen hun opdracht

    De projectgroep begeleidt de werkvorm bij de eigen mensen. Dat is het moment waarop de techniek van geleerd naar eigen gemaakt gaat.

    Waar wij op letten: niets ter plekke: wij zijn er niet bij, het is uw workshop. Wat eruit komt gaat mee naar het volgende dagdeel, en daar kijken we er samen op terug.

  6. 6
    Definitiefase · de probleemruit Dagdeel met de trainer

    Terugblik op de ontdekkingsfase en theorie over de definitiefase

    De trainer laat zien welke manieren er zijn om een berg observaties te ordenen en terug te brengen tot een handvol kandidaat-probleemdefinities. Vijf tot zeven technieken, met de vraag erbij wanneer u welke inzet. Het team kiest er één.

    Waar wij op letten: of het veldwerk er werkelijk van gekomen is. Praten we over wat we hebben opgehaald, of alsnog over vermoedens? Dat bepaalt of deze fase kan beginnen.

  7. 7
    Dagdeel met de trainer

    Klassikaal oefenen met de technieken uit de definitiefase

    De gekozen techniek op uw eigen materiaal. U weegt de kandidaten tegen elkaar af tot er één overblijft. Aan het eind ligt er uw "how might we"-vraag: het scherpe probleem waarmee de oplossingsruit begint.

    Waar wij op letten: dat de probleemdefinitie geen oplossing in vermomming is. "Er is geen app" is een oplossing die als probleem is opgeschreven.

  8. 8
    De projectgroep zelf

    Cursisten bereiden zelf een workshop voor

    De projectgroep werkt de gekozen techniek uit tot een werkvorm die zij zelf kan begeleiden, toegespitst op de eigen opdracht. Stuurt u de opzet vooraf door, dan neemt de trainer hem door en komt er schriftelijk commentaar op terug.

    Waar wij op letten: niets, want dit doet uw projectgroep zelf. Wel nemen wij het toegestuurde materiaal door, zodat het sparringsmoment daarna helemaal aan uw vragen kan opgaan.

  9. 9
    Een uur met de trainer

    Sparringsmoment met de trainers

    Een uur met een van de trainers over die opzet. Elke projectgroep krijgt zo'n moment, dus vier keer in het traject.

    Waar wij op letten: drie dingen. Past de techniek bij de vraag die u wilt beantwoorden? Is de opzet uitvoerbaar in de tijd die u heeft? En wat gaat er waarschijnlijk knellen bij juist deze groep mensen?

  10. 10
    De projectgroep zelf

    Cursisten houden zelf de workshop binnen hun opdracht

    De projectgroep begeleidt de werkvorm bij de eigen mensen. Dat is het moment waarop de techniek van geleerd naar eigen gemaakt gaat.

    Waar wij op letten: niets ter plekke: wij zijn er niet bij, het is uw workshop. Wat eruit komt gaat mee naar het volgende dagdeel, en daar kijken we er samen op terug.

  11. 11
    Ontwikkelfase · de oplossingsruit Dagdeel met de trainer

    Terugblik op de definitiefase en theorie over de ontwikkelfase

    De trainer laat zien welke manieren er zijn om breed ideeën te genereren, en welke om daarna te kiezen zonder dat de hardste stem wint. Vijf tot zeven technieken, met de vraag erbij wanneer u welke inzet. Het team kiest er één.

    Waar wij op letten: dat het probleem daadwerkelijk vastligt voordat er oplossingen komen. Staan er nog vijf versies van het probleem op tafel, dan gaan we daar eerst op terug.

  12. 12
    Dagdeel met de trainer

    Klassikaal oefenen met de technieken uit de ontwikkelfase

    De gekozen techniek op uw probleemdefinitie. U genereert, weegt af en kiest. Aan het eind ligt er een gekozen concept.

    Waar wij op letten: dat het oordeel daadwerkelijk wordt uitgesteld. In het verbredende deel mag niets worden afgekeurd, en dat bewaken wij hardop.

  13. 13
    De projectgroep zelf

    Cursisten bereiden zelf een workshop voor

    De projectgroep werkt de gekozen techniek uit tot een werkvorm die zij zelf kan begeleiden, toegespitst op de eigen opdracht. Stuurt u de opzet vooraf door, dan neemt de trainer hem door en komt er schriftelijk commentaar op terug.

    Waar wij op letten: niets, want dit doet uw projectgroep zelf. Wel nemen wij het toegestuurde materiaal door, zodat het sparringsmoment daarna helemaal aan uw vragen kan opgaan.

  14. 14
    Een uur met de trainer

    Sparringsmoment met de trainers

    Een uur met een van de trainers over die opzet. Elke projectgroep krijgt zo'n moment, dus vier keer in het traject.

    Waar wij op letten: drie dingen. Past de techniek bij de vraag die u wilt beantwoorden? Is de opzet uitvoerbaar in de tijd die u heeft? En wat gaat er waarschijnlijk knellen bij juist deze groep mensen?

  15. 15
    De projectgroep zelf

    Cursisten houden zelf de workshop binnen hun opdracht

    De projectgroep begeleidt de werkvorm bij de eigen mensen. Dat is het moment waarop de techniek van geleerd naar eigen gemaakt gaat.

    Waar wij op letten: niets ter plekke: wij zijn er niet bij, het is uw workshop. Wat eruit komt gaat mee naar het volgende dagdeel, en daar kijken we er samen op terug.

  16. 16
    Implementatiefase · de oplossingsruit Dagdeel met de trainer

    Terugblik op de ontwikkelfase en theorie over de implementatiefase

    De trainer laat zien welke manieren er zijn om snel iets tastbaars te maken en te toetsen, van een ruwe schets tot een proefopstelling. Vijf tot zeven technieken, met de vraag erbij wanneer u welke inzet. Het team kiest er één.

    Waar wij op letten: dat het gekozen concept toetsbaar wordt gemaakt en niet alleen mooi beschreven. Wat is de vraag die u wilt beantwoorden met dit prototype?

  17. 17
    Dagdeel met de trainer

    Klassikaal oefenen met de technieken uit de implementatiefase

    De gekozen techniek op uw concept. U bouwt, legt het voor en verwerkt de reacties. Aan het eind liggen er vervolgafspraken: wat er getoetst is, en wat de volgende stap wordt.

    Waar wij op letten: dat het prototype ruw blijft. Hoe mooier het eruitziet, hoe beleefder en dus hoe onbruikbaarder de reactie.

  18. 18
    De projectgroep zelf

    Cursisten bereiden zelf een workshop voor

    De projectgroep werkt de gekozen techniek uit tot een werkvorm die zij zelf kan begeleiden, toegespitst op de eigen opdracht. Stuurt u de opzet vooraf door, dan neemt de trainer hem door en komt er schriftelijk commentaar op terug.

    Waar wij op letten: niets, want dit doet uw projectgroep zelf. Wel nemen wij het toegestuurde materiaal door, zodat het sparringsmoment daarna helemaal aan uw vragen kan opgaan.

  19. 19
    Een uur met de trainer

    Sparringsmoment met de trainers

    Een uur met een van de trainers over die opzet. Elke projectgroep krijgt zo'n moment, dus vier keer in het traject.

    Waar wij op letten: drie dingen. Past de techniek bij de vraag die u wilt beantwoorden? Is de opzet uitvoerbaar in de tijd die u heeft? En wat gaat er waarschijnlijk knellen bij juist deze groep mensen?

  20. 20
    De projectgroep zelf

    Cursisten houden zelf de workshop binnen hun opdracht

    De projectgroep begeleidt de werkvorm bij de eigen mensen. Dat is het moment waarop de techniek van geleerd naar eigen gemaakt gaat.

    Waar wij op letten: niets ter plekke: wij zijn er niet bij, het is uw workshop. Wat eruit komt gaat mee naar het volgende dagdeel, en daar kijken we er samen op terug.

  21. 21
    Afsluiting Met opdrachtgever en team

    Eindpresentatie van het opgeleverde eindproduct

    De projectgroepen laten zien wat er ligt: het getoetste concept en de vervolgafspraken op naam en datum. Voor de opdrachtgever is dit het moment om te zien wat het traject heeft opgeleverd.

    Waar wij op letten: dat er wordt getoond wát er ligt en wat het heeft opgeleverd, niet wat er allemaal nog moet gebeuren. Ook dat de vervolgafspraken een naam en een datum hebben.

Een gedragen eindproduct

Gedragen betekent iets specifieks: de opdrachtgever staat erachter, het team heeft het zelf gemaakt, en het is getoetst bij de mensen om wie het draait. Niet dat het mooi is opgeschreven. Dat geldt voor elke projectgroep die u meeneemt in het traject.

Daarnaast staat er een team dat de werkwijze kent en deze de volgende keer zelfstandig kan toepassen, zonder Cirnex. Dat is het tweede eindproduct, en voor veel opdrachtgevers het duurzaamste.

Praktische zaken

Elke projectgroep krijgt vier sparringssessies tussen de trainingsdagen in, één per fase. Stuurt u de opzet vooraf toe, dan neemt de trainer die door en komt er commentaar op terug. De eerste projectgroep zit in de vaste trajectprijs; voor elke volgende projectgroep geldt een toeslag die wij vooraf in de offerte vastleggen. Sparren met een projectgroep is namelijk evenveel werk, ook als de rest van de groep met twee trainers werkt.

Per trainer begeleiden wij maximaal drie projectgroepen. Slaat u een fase over, dan wordt het traject twee dagdelen korter, en navenant goedkoper.

Doorlooptijd indicatief 4 tot 6 maanden, met 2 tot 3 weken werk- en begeleidingstijd tussen de bijeenkomsten.

De vaste trajectprijs staat per groepsgrootte op de prijzenpagina.

Weten of het volledige leertraject past?

Een vrijblijvend voorgesprek van een uur vertelt u of dit traject bij uw vraagstuk past, en welke fasen u kunt overslaan.

Neem contact op